Matteo Sandrone en Harry van Sprundel

Waarom CFOs & CROs Nu Moeten Acteren

Home » Blog NL » IREF en BIRD: Een nieuw tijdperk voor banken

Introductie

Tegen 2029 moeten alle banken in de eurozone voldoen aan het Integrated Reporting Framework (IReF), een nieuwe regelgeving die door de Europese Centrale Bank (ECB) is geïntroduceerd om de statistische rapportage te consolideren en te harmoniseren. Dit vervangt het huidige gefragmenteerde systeem van nationale templates en overlappende rapporten (AnaCredit, SHS-S, MIR, BSI, enz.) door één enkele, modulaire en gedetailleerde rapportagestandaard voor de hele eurozone. Een proefproject van één jaar start in 2028; de volledige implementatie is verplicht in het daaropvolgende jaar.

Op het eerste gezicht lijkt IReF slechts een nieuwe verplichting. In werkelijkheid biedt het banken echter de kans om hun interne datalandschap te moderniseren. Instellingen die vroegtijdig actie ondernemen, kunnen verder gaan dan tactische compliance en IReF inzetten als een strategische stimulans: het consolideren van verouderde systemen, het verbeteren van de datakwaliteit, het herverdelen van operationele medewerkers en het bouwen van een toekomstbestendige rapportage-infrastructuur die aansluit op de verwachtingen van de toezichthouders.

Dit artikel onderzoekt de structurele inefficiënties die IReF wil oplossen, de ondersteunende rol van het Banks’ Integrated Reporting Dictionary (BIRD) en de strategische en kwantitatieve argumenten voor vroege implementatie. Voor CFO’s en CRO’s is de boodschap duidelijk: proactieve betrokkenheid bij IReF kan op de lange termijn veel meer waarde genereren dan alleen het voldoen aan wettelijke voorschriften.

Het huidige rapportagelandschap: fragmentatie en inefficiëntie

Europese banken moeten vandaag voldoen aan een lappendeken van statistische rapportageverplichtingen. Sinds de invoering van de euro is de wettelijke rapportage organisch gegroeid en blijft deze grotendeels gefragmenteerd per land. Banken moeten duizenden datapunten aanleveren via verschillende raamwerken, bijvoorbeeld balansgegevens (BSI), rentetarieven (MIR), effectenportefeuilles (SHS) en gedetailleerde kredietgegevens (AnaCredit), vaak met overlappende inhoud met de prudentiële raamwerken (bijv. COREP). Nationale autoriteiten stellen, ondanks enige harmonisatie, extra eisen, waardoor elke jurisdictie haar eigen datamodellen, transmissieformaten en definities hanteert.

Deze fragmentatie leidt tot 4 belangrijke inefficiënties:

  1. Verschillende nationale datamodellen en heterogene data dictionaries.
  2. Verschillende rapportagefrequenties, tijdslijnen en aggregatieniveaus.
  3. Dubbele en overlappende submissies met complexe planningen.
  4. Inconsistente validatieregels, revisiebeleid en formaten in verschillende landen.

Dit brengt een hoge rapportagelast met zich mee voor banken, aanzienlijke manuele inspanningen, overbodige processen en kostbaar IT-onderhoud, terwijl de datakwaliteit te lijden heeft onder inconsistente standaarden.

Integrated Reporting Framework (IReF)

IReF is het initiatief van de Europese Centrale Bank om deze inefficiënties aan te pakken door de statistische rapportage van banken in de eurozone te harmoniseren en te integreren. In essentie zal IReF de vele bestaande rapportages vervangen door één enkele gestandaardiseerde gegevensverzameling, die in eerste instantie de balans- en rentestatistieken van banken, effectenportefeuilles en gedetailleerde kredietgegevens zal omvatten. IReF is ontworpen met proportionaliteit in gedachten, het beperkt de eisen voor kleinere banken en het kan worden overgenomen door niet-euro-EU-landen, waardoor een echt pan-Europese standaard wordt bevorderd. Volgens de meest recente planning van de ECB zal de eerste rapportage die onder IReF valt in het vierde kwartaal van 2029 plaatsvinden.

Hoe IReF Fragmentatie oplost

IReF belooft “rapportageverplichtingen te standaardiseren, redundanties te verminderen, de rapportagelast te minimaliseren en de datakwaliteit te verbeteren”. Door gegevens één keer te definiëren en te verzamelen, worden datastromen gestroomlijnd die nu dubbel voorkomen. Banken die in meerdere landen actief zijn, kunnen hier enorm van profiteren: in plaats van rapporten aan te passen aan elk nationaal sjabloon, kunnen ze één consistent EU-breed schema volgen. Op termijn is IReF een opstapje naar een bredere integratie van de wettelijke rapportage (waarbij statistische rapporten worden gekoppeld aan prudentiële en resolutierapporten). Zo is bijvoorbeeld het Joint Bank Reporting Committee (JBRC) van Europa opgericht om te adviseren over de uiteindelijke afstemming van statistische rapporten onder IReF met toezichtsrapporten (EBA) en resolutierapporten (SRB) in de toekomst. Cruciaal is dat IReF ook de verschuiving teweegbrengt van op sjablonen gebaseerde aggregaten naar meer gedetailleerde, datagestuurde rapportage. Zoals de ECB opmerkt, betekent de implementatie van IReF “afstappen van geaggregeerde, op sjablonen gebaseerde rapportage en overstappen naar de levering van meer gedetailleerde gegevens, zoals informatie over leningen, derivaten, effecten en deposito’s”. Deze gedetailleerde aanpak, vergelijkbaar met de dataset op leningniveau van AnaCredit, zal naar verwachting de hoeveelheid en kwaliteit van de informatie die beschikbaar is voor zowel toezichthouders als banken verbeteren.

BIRD: De Brug Naar Geïntegreerde Raportage

Als IReF het einddoel is, dan is het Banks’ Integrated Reporting Dictionary (BIRD) een essentieel onderdeel van de reis ernaartoe. BIRD is een gezamenlijk ontwikkelde data dictionary en methodologie, gecreëerd door de ECB, nationale centrale banken en experts uit de sector, bedoeld om banken te helpen hun interne data in kaart te brengen volgens de nieuwe geïntegreerde rapportagevereisten. In de praktijk biedt BIRD een gedetailleerd model voor het omzetten van ruwe bankdata in wettelijke rapportages, waarbij wordt gespecificeerd welke brondata gebruikt moeten worden en hoe deze verwerkt moeten worden om aan de definitie van elk datapunt te voldoen. Het doel van BIRD is om de rapportagelast te verlichten door banken een gemeenschappelijke interpretatie van wettelijke definities te bieden. Met andere woorden, in plaats van dat elke bank afzonderlijk nieuwe rapportagestandaarden moet ontcijferen, kunnen ze vertrouwen op het BIRD-model om giswerk te verminderen en consistentie te waarborgen.

BIRD speelt een belangrijke rol bij de implementatie van IReF. Het fungeert als referentiemodel dat input data (de eigen administratie van banken) koppelt aan de outputrapporten onder IReF, waardoor banken vroegtijdig datagaps en noodzakelijke transformaties kunnen identificeren. BIRD is ontwikkeld in samenwerking met IReF; de European Banking Federation (EBF), die als co-secretariaat van BIRD optreedt, werkt samen met de ECB om ervoor te zorgen dat BIRD en IReF volledig op elkaar zijn afgestemd. Deze afstemming betekent dat banken die BIRD gebruiken, na de implementatie van IReF de datamodellen direct kunnen toepassen voor de nieuwe statistische rapporten, wat de implementatie aanzienlijk vereenvoudigt.

Het is belangrijk om te benadrukken dat BIRD zelf geen wettelijke verplichting is, maar een vrijwillige bron en geen kant-en-klare IT-oplossing. Vroege gebruikers kunnen er baat bij hebben, maar banken zijn niet verplicht om BIRD te gebruiken en de acceptatie ervan verloopt geleidelijk. Een van de redenen hiervoor is dat de standaarddefinities van BIRD, totdat IReF van kracht is, mogelijk niet perfect aansluiten op de bestaande nationale sjablonen van elk land; BIRD houdt immers niet automatisch rekening met alle nationale specifieke vereisten in de huidige kaders. De implementatie van BIRD binnen het huidige gefragmenteerde systeem kan land specifieke aanpassingen vereisen, waardoor de directe voordelen beperkt blijven. De volledige voordelen van BIRD worden pas verwacht wanneer IReF en BIRD samen op een geharmoniseerde manier worden geïmplementeerd. Kortom, BIRD geeft vooruitstrevende banken een voorsprong in de transitie door gegevens aan de bron te standaardiseren, maar het is geen wondermiddel. Banken moeten nog steeds investeren in het afstemmen van hun systemen en governance op het IReF/BIRD-model. In deze context fungeert BIRD als een versneller: het biedt een gemeenschappelijke taal en sjablonen, wat de implementatietijd aanzienlijk kan verkorten. Banken moeten echter nog steeds zelf de nodige inspanningen leveren op het gebied van data cleaning, -integratie en IT-implementatie binnen dat raamwerk. De onderstaande afbeelding laat de huidige en gewenste situatie van statistische rapportage zien.

Strategische Voordelen van Early Adoption

Voor CFO’s en CRO’s worden regelgevingsprojecten vaak gezien als kosten die geminimaliseerd moeten worden. IReF biedt echter een kans om strategische waarde te ontsluiten die verder gaat dan alleen compliance. Door IReF (en BIRD) vroegtijdig te omarmen, ruim vóór de deadline van 2029, kunnen tastbare financiële en operationele voordelen worden behaald:

1. Efficiëntiewinst en kostenbesparing: Een geïntegreerd rapportagesysteem maakt de consolidatie van rapportageprocessen en IT-systemen mogelijk. Banken kunnen overbodige rapportagesoftware en -interfaces uitfaseren, waardoor de onderhoudskosten dalen. Interne teams die momenteel dubbel werk verrichten voor verschillende rapporten, kunnen efficiënter werken. Een bank kan bijvoorbeeld voltijdse equivalenten (VTE’s) van handmatige gegevensafstemming herverdelen naar waardevoller analytisch werk zodra dubbele rapporten zijn geëlimineerd. Uit de kosten-batenanalyse van de ECB zelf bleek dat een grote meerderheid van de banken (68% van de respondenten, goed voor circa 76% van de bankactiva in de eurozone) verwacht dat de voordelen van IReF op de lange termijn opwegen tegen de kosten. Deze voordelen omvatten lagere doorlopende kosten na implementatie en schaalvoordelen, met name voor grensoverschrijdende banken die meerdere land specifieke processen kunnen vervangen door één standaardaanpak. Vroege gebruikers kunnen deze besparingen sneller realiseren, waardoor de net present value (NPV) van de investering verbetert.

2. Datakwaliteit en risico-inzichten: Door over te stappen op één betrouwbare bron voor regelgevingsgegevens kunnen banken de datakwaliteit aanzienlijk verbeteren. IReF zal consistente definities en validatieregels afdwingen, waardoor fouten en inconsistenties tussen verschillende rapporten worden verminderd. Een hogere datakwaliteit is niet alleen gunstig voor toezichthouders, maar ook voor de risicomanagement- en financiële afdelingen van de bank zelf. CFO’s krijgen meer vertrouwen dat de gerapporteerde cijfers (bijvoorbeeld over kredietrisico’s, deposito’s en rentemarges) daadwerkelijk overeenkomen met de interne gegevens, en CRO’s kunnen betrouwbaardere risico-inzichten verkrijgen uit de geïntegreerde datasets.

3. Eenvoudigere toekomstige compliance & wendbaarheid: Regelgeving verandert voortdurend. Door IReF vroegtijdig te implementeren, wordt een toekomstgerichte herziening van de data-architectuur afgedwongen, waardoor de bank wendbaarder wordt ten aanzien van toekomstige eisen. Een gemoderniseerd, geïntegreerd datamodel betekent dat wanneer toezichthouders onvermijdelijk om nieuwe meetgegevens of uitbreidingen vragen (bijvoorbeeld de integratie van prudentiële gegevens in een toekomstige “IReF 2.0”), de bank zich sneller en tegen lagere incrementele kosten kan aanpassen. Het is belangrijk op te merken dat het ontwerp van IReF de kosten van eventuele verdere wijzigingen aan de verzamelde gegevens minimaliseert. Door vroegtijdig te implementeren, maakt een bank haar rapportage-infrastructuur toekomstbestendig en vermijdt zij het risico van een last-minute aanpak (met alle bijbehorende projectrisico’s en dure tijdelijke oplossingen). Vroegtijdige implementatie biedt ook tijd voor een soepelere implementatie (inclusief grondige tests, personeelstraining en fasering) in plaats van een kostbare last-minute aanpak onder druk van de regelgeving.

Vroege gebruikers investeren eerder (en maken daardoor implementatiekosten vooraf), maar plukken ook eerder de vruchten van efficiëntiewinsten en besparingen, wat leidt tot een hoger cumulatief netto voordeel op de lange termijn. Banken die later overgaan tot implementatie vermijden mogelijk kosten op de korte termijn, maar door de migratie uit te stellen, stellen ze ook de voordelen uit en worden ze geconfronteerd met een forse eenmalige uitgave vlak voor de deadline. Zoals de figuur laat zien, kan een vroege gebruiker het break-evenpunt (netto voordeel nul) ruim vóór 2030 bereiken, terwijl een bank die wacht op dat moment mogelijk nog steeds verlies draait en pas jaren later een inhaalslag maakt. In NPV termen is vroegtijdige implementatie in de meeste door ons gemodelleerde scenario’s financieel gunstig. Natuurlijk zullen de cijfers per bank verschillen, maar de boodschap is consistent: proactieve implementatie biedt een reële optiewaarde. Banken kunnen het project in een vroeg stadium uitvoeren en vervolgens jarenlang profiteren van soepelere en goedkopere rapportageprocessen, waardoor middelen en managementaandacht vrijkomen voor andere prioriteiten.

Onderstaande afbeelding illustreert de waarde van een vroege start met de IReF-implementatie. Banken die de transformatie in 2026 starten, zullen in het begin kapitaalinvesteringen doen, maar kunnen al in 2028 live gaan. Tegen de tijd dat de verplichte rapportage in 2030 ingaat, realiseren deze vroege gebruikers al een positieve cumulatieve kasstroom, dankzij de vroege voordelen van automatisering, gestroomlijnde processen en minder handmatige werkzaamheden. Banken die de uitrol uitstellen, daarentegen, worden geconfronteerd met kortere termijnen, hogere uitvoeringsrisico’s en langdurige negatieve kasstromen tot wel drie jaar na de ingebruikname.

Hoewel de exacte resultaten zullen variëren, afhankelijk van de transformatiebereidheid van elke bank, consolideren onze schattingen de kostenveronderstellingen voor kapitaaluitgaven (bijv. IT-infrastructuur, rapportagetools) en operationele uitgaven (bijv. training, licenties), en zetten deze af tegen gekwantificeerde voordelen in de vorm van directe besparingen op arbeidskosten, interne efficiëntieverbeteringen en bredere strategische winsten. Op basis van deze analyse kunnen vroege gebruikers tot 150% meer cumulatieve projectwaarde realiseren tegen 2034, wat aantoont dat proactieve implementatie niet alleen zorgt voor naleving van de regelgeving, maar ook voor aanzienlijke financiële rendementen.

Conclusie

Voor CFO’s en CRO’s van Europese banken moet het aanstaande Integrated Reporting Framework (IReF) en het BIRD-initiatief niet alleen worden gezien als een wettelijke verplichting, maar ook als een strategische kans. Het implementeren van IReF vereist weliswaar investeringen vooraf in data-infrastructuur, systeemintegratie en projectmiddelen, maar de potentiële voordelen zijn veelzijdig: gestroomlijnde processen, lagere kosten op de lange termijn, betere datakwaliteit en verbeterde analytische mogelijkheden binnen financiën en risicomanagement. Vroegtijdige implementatie, ondersteund door tools zoals BIRD, biedt de mogelijkheid om de uitkomst te beïnvloeden, veranderingen in een beheersbaar tempo door te voeren en de voordelen ruim vóór de deadline van 2029 te plukken. Wachten tot het laatste moment kan daarentegen leiden tot hogere kosten, een groter operationeel risico en het mislopen van jarenlange efficiëntiewinsten. IReF is dé kans voor de bankensector om de eerste voordelen te benutten en de laatste te vermijden.

Als executives die verantwoordelijk zijn voor het financieel beheer en de risicobewaking van uw instellingen, moet u zich afvragen: kunnen we het ons permitteren om niet te handelen totdat de regelgeving ons daartoe dwingt? Toonaangevende banken zetten IReF-programma’s al in om een ​​voorsprong te behalen. Het Integrated Reporting Framework (IReF) is meer dan een wetswijziging; het is een katalysator voor de modernisering van de manier waarop banken met data omgaan. Wie er vroeg bij is, zal niet alleen beter slapen wanneer de deadline van de ECB nadert; ze zullen waarschijnlijk ook nieuwe waarde in hun data ontdekken, lagere kosten realiseren en een sterker platform creëren voor alle toekomstige rapportage-eisen. In het steeds veranderende landschap van de EU-bankregelgeving bieden IReF en BIRD de kans om van een verplicht project een strategische winst te maken. Nu is het moment om te plannen, te investeren en het voortouw te nemen in uitmuntende geïntegreerde rapportage.

Wat Volgt Er

Bij Mount Consulting ondersteunen we financiële instellingen bij het omzetten van uitdagingen in regelgeving in strategische voordelen. Van initiële IReF-gereedheidsbeoordelingen tot BIRD-geïntegreerde implementatieplannen, ons team beschikt over de expertise om data-architectuur te stroomlijnen, kosten op lange termijn te verlagen en de rapportageflexibiliteit te verbeteren.

De planning voor IReF loopt mogelijk door tot 2029, maar de kans om slimmere, efficiëntere en meer geïntegreerde rapportagesystemen te ontwikkelen begint vandaag al.

Is uw instelling klaar om de overstap te maken van naleving van regels naar concurrentievoordeel?

Laten we het gesprek aangaan!

Wil je meer weten?

We praten graag verder over hoe we jou kunnen helpen!